Subsidieaanvragen herdenking WOI

Vraag Karlijn Deene

In de komende jaren 2014-2018 zal in Vlaanderen veel aandacht besteed worden aan de herdenking van de Eerste Wereldoorlog.

Graag had ik in dit kader een overzicht ontvangen van de subsidieaanvragen hieromtrent ingediend door de stad, het OCMW of eventueel één van de andere componenten van de Groep Gent, en dit voor de periode 2006-2013.

In dit overzicht graag opname van volgende informatie:

  • indienende instantie (stad, OCMW, specifieke dienst enz.) en de eventuele mee indienende partners.
  • beknopte beschrijving van het project waarvoor een subsidie werd ingediend.
  • meedelen van de al dan niet goedkeuring van de subsidie en van het toegekende subsidiebedrag.

Antwoord schepen Storms

Op 1 februari 2012 diende Historische Huizen Gent bij Toerisme Vlaanderen een subsidieaanvraag in voor een tentoonstelling Helden en barbaren. Propaganda in WOI. De aanvraag gebeurde in nauwe samenwerking met het MIAT en het STAM, die beiden ook een project indienden, en het Instituut voor Publieksgeschiedenis (UGent).

De tentoonstelling Helden en barbaren zou een inhoudelijk sterke tentoonstelling worden waarbinnen de propagandapolitiek van de Eerste Wereldoorlog werd gedeconstrueerd. De invloed van propaganda en vijandbeelden tijdens de Groote Oorlog en de rol van Brave Little Belgium als speelbal binnen de internationale politiek zou centraal staan. Met de wetenschappelijke partners, het Instituut voor Publieksgeschiedenis en Soma (Studie- en Documentatiecentrum Oorlog en Hedendaagse Maatschappij), zouden we bijkomend onderzoek verrichten naar de inzet van schrijvers en andere kunstenaars bij propaganda, de vraag of 'embedded journalism' ook reeds voorkwam en in welke mate, en vooral de menselijke verhalen achter deze propagandaoorlog. Deze tentoonstelling zou aantonen hoe belangrijk de rol kan zijn van media en gekleurde berichtgeving bij het creëren van een algemeen vijandbeeld. Het verhaal van de propaganda in de Eerste Wereldoorlog toont aan wat voor destructieve gevolgen een ver doorgedreven veralgemening en stigmatisering kunnen hebben. De link naar de rol van de hedendaagse media zou ook nooit ver weg zijn.

Op 1 februari 2012 diende het STAM – Gent Cultuurstad vzw bij Toerisme Vlaanderen een subsidieaanvraag in voor een tentoonstelling ‘Gent bezet’. Ook deze aanvraag gebeurde in nauwe samenwerking met het MIAT en de Sint-Pietersabdij, die beiden ook een project indienden, en het Instituut voor Publieksgeschiedenis (UGent) voor de wetenschappelijke begeleiding.

Het STAM onderzoekt in ‘Gent Bezet’, wat de oorlog betekende voor de stad en haar inwoners. De aandacht gaat daarbij niet alleen uit naar de bezette stad, maar ook naar de Gentenaars aan het front en in de diaspora. Gent lag in het etappegebied, dat onder militair bestuur stond. Het leven van de meeste Gentenaars werd beheerst door een tekort aan voedsel en andere levensmiddelen, opeisingen, massale werkloosheid, beperkte bewegingsvrijheid, censuur en, vanaf oktober 1916, deportaties van arbeiders naar Duitsland. Hoe beleefden de gewone man en vrouw in de straat de barre oorlogsomstandigheden? Ook op politiek gebied gebeurde er heel wat, met de agitaties van activisten en de vernederlandsing van de universiteit.

Project ingediend door VIAT vzw, vriendenkring van het MIAT, bij Toerisme Vlaanderen, Impulsprogramma WOI-evenementen.

Ondanks de wreedheden van de Eerste Wereldoorlog was deze oorlog ook een moment van creativiteit en innovatie. In de zoektocht naar overleven vieren creativiteit en innovatie immers hoogtij. Zowel door militaire als humanitaire noden kregen wetenschap en techniek een injectie.

Het MIAT wil met dit project onderzoek voeren en stimuleren naar de gevolgen van de Eerste Wereldoorlog op vlak van innovatie, technische vooruitgang en creativiteit, zowel aan het front als in het dagelijkse leven. Het onderzoek en de expo omvatten het effect van de industriële en technologische mogelijkheden in periodes van oorlog, met de Eerste Wereldoorlog als uitgangspunt. Of zoals John Terraine, een Brits militair-historicus, de Eerste Wereldoorlog benoemde als ‘First Industrial Revolution War’. Enerzijds worden de belangrijkste industrieën tijdens de Grote Oorlog belicht. Anderzijds wordt ook de opkomst van nieuwe producten in het dagelijkse leven tijdens de oorlog in beeld gebracht en de vindingrijkheid die mensen aan de dag legden om hun dagelijks leven verder te zetten tijdens de oorlog. Partners waren het Instituut voor Publieksgeschiedenis (IPG) , het STAM, de Sint-Pietersabdij en Toerisme Gent.

Toerisme Vlaanderen kende aan bovenstaande projecten geen subsidie toe.

Bijkomende informatie:

Door de opportuniteit om de Expo over 60 jaar televisie te organiseren, werd het tentoonstellingsprogramma van Historische Huizen Gent aangepast en is de tentoonstelling die voor het najaar van 2013 was gepland, met een jaar uitgesteld. Historische Huizen Gent wil echter nog steeds een tentoonstelling over WOI programmeren en zou dat doen in 2015. De invalshoek wordt echter bijgestuurd: om een breder publiek en het onderwijs gerichter aan te spreken, zal het kind in WOI als hoofdthema figureren. De tentoonstelling Oorlog in korte broek brengt aan de hand van o.a. literatuur, strips, en speelgoed niet alleen aan het licht hoe groot de impact was van de Groote Oorlog op het leven van kinderen en hun familie, maar toont indirect ook de veranderende sociale status van dat kind in de westerse maatschappij aan. Een subsidiedossier is hiervoor nog niet ingediend.

Datum tussenkomst: 

woensdag, 27 november, 2013

Type: 

Schriftelijke vraag

Tags: